226
vs. 188.
't geen
, hier zeker gebruikt, omdat
dat
gevolgd zou worden door '
t
, wat
onmogelijk uit te spreken valt. Ook
't welk
zou hard klinken.
vs. 191.
dat
heeft hier tot antecedent
koortsig brein
.
vs. 192.
een and're wijl
, nl. een tweede oogenblik peinzens en toen wischten,
enz.
vs. 195.
beslissen van
. Het gebruik van dit voorzetsel bij
beslissen
komt in de
eerste helft dezer eeuw meer voor, o.a. bij Bilderdijk en Jacob van Lennep. Misschien
is hier navolging van 't fra.
décider de;
in elk geval is het gebruik van
over
beter in
overeenstemming met het taalgebruik.
Men lette op den gedachtegang van Bontekoe: eerst beschuldigt hij zich zelven
van wuftheid en ‘woeste lust’; daarna tracht hij de keuze van het wufte liedje te
verklaren en te verontschuldigen uit zijn' angst, ‘zijne bloode vrees’; eindelijk ziet
hij in die keus eene ingeving des hemels.
vs. 200.
Zangen van den Harpenaar:
de psalmen van David.
vs. 202.
een hurkjen groot
, eig. zoo groot als een, die
hurkt
, d.i. met gebogen
knieën eene half zittende houding heeft aangenomen. Men heeft aan de zoo gebogen
knieën den naam van
hurken
gegeven blijkens de uitdrukking
op zijne hurken zitten
en vandaar dan weer
hurk
voor ‘degeen, die zoo klein is, als de hurkende.’ Naast
hurken
komt ook
hukken
in dezelfde bet. voor, alsmede:
op zijne hukken zitten
.
Waarschijnlijk is het hier en daar gebruikelijke
ukkie
‘klein ding’ dan ook hetzelfde
woord als
hukje
. Oorsprong onbekend.
vs. 204.
zijns ondanks. Dank
, de stam van
denken
, behoort, wat zijne beteekenis
aangaat, evenals
zin
, beurtelings tot het gebied van het den ken en tot dat van
het gevoelen en willen. Tot de eerste beteekenis behoort
denken
,
dacht
,
gedachte
, hd.
gedanke
, tot de tweede
dank
als subst. en in
danken
,
dankbaar
, enz.
en ook
dank
‘lust, zin, wil’ in het mnl. Van dit laatste
dank
maakte men ook
ondank:
‘onlust, onwil, tegenzin’ en zoo is
zijns ondanks:
‘met zijn tegenzin’, dus: ‘tegen zijn'
zin, wil.’ De woorden
zijn
en
ondank
staan hier dus in den bijw. gen. De 2
e
nv. van
het woord
ondank
alléén:
ondanks
, wordt ook als voorzetsel gebruikt:
ondanks
mijnen raad
voor
ondanks mijns raads
, lett. ‘tegen den wil van mijnen raad.’
Men vergelijke nu de beteekenissen van
zin
,
zinnen
, ww.,
bezinnen
,
verzinnen
,
zinnigheid
,
zin in iets
,
zin voor iets
, enz.
Roeltjen uit de Bonte Koe.
vs. 5.
waar komt dit bij toe?
d.i.
waarbij
‘waardoor’
komt dit toe:
‘gebeurt dit?’
vs. 7.
Frisscher krans
. De herbergiers waren vanouds gewoon, een wingerdkrans
buiten te hangen ten teeken, dat zij wijn verkochten. Was er nieuwe voorraad
aangekomen, dan werd ook de oude door een
Taal en Letteren. Jaargang 2
Komentarze do niniejszej Instrukcji